De Hoge Raad oordeelt dat de zaak over de zakelijkheid van de kwijtschelding door de bv inmiddels is verwezen naar Hof Amsterdam. Het beroep van de heer X is daarom in zoverre gegrond.

X is enig certificaathouder van E bv. X heeft een schuld van meer dan € 5 miljoen aan E bv. De rente hierover in 2014 ad € 54.940 wordt door E bv kwijtgescholden. Deze kwijtschelding wordt door de inspecteur als een uitdeling aangemerkt. In geschil is de IB-navordering bij X over 2014. Volgens Hof Den Haag is er een nieuw feit. De IB-aangifte van X over 2014 noopte namelijk niet tot een nader onderzoek en de ab-correctie is terecht in dat jaar in aanmerking genomen. X gaat in cassatie.

De Hoge Raad oordeelt dat de zaak over de zakelijkheid van de kwijtschelding inmiddels is verwezen naar Hof Amsterdam (zie 19/05006). Het beroep van X is daarom in zoverre gegrond. Volgt verwijzing naar hetzelfde hof.

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Wet inkomstenbelasting 2001 4.43

Informatiesoort: VN Vandaag

Rubriek: Inkomstenbelasting

Instantie: Hoge Raad

Editie: 21 december

7

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen