Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat X met het verzwijgen van aanzienlijke inkomsten uit hennepteelt de vereiste aangifte niet heeft gedaan zodat omkering en verzwaring van de bewijslast gelden. De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.

In 2018 treft de politie bij X een hennepkwekerij aan. De inkomsten uit de kwekerij worden door X niet vermeld in de aangifte IB/PVV 2018. De inspecteur berekent het inkomen met gebruik van een rapport van het OM en legt een vergrijpboete op. In de strafzaak is aan X de verplichting opgelegd het wederrechtelijk verkregen voordeel te betalen aan de Staat.

Hof ’s-Hertogenbosch (V-N 2026/27.17) oordeelt dat X met het verzwijgen van aanzienlijke inkomsten uit hennepteelt de vereiste aangifte niet heeft gedaan zodat omkering en verzwaring van de bewijslast gelden. De inspecteur toont overtuigend aan dat X opzettelijk een onjuiste aangifte heeft gedaan. De vergrijpboete is daarom terecht. Het hof vermindert de boete stapsgewijs tot € 800 wegens de financiële situatie van X. Hij heeft geen zichtbaar vermogen, een bijstandsuitkering en een ontnemingsverplichting van € 50.000. X gaat in cassatie, maar betaalt het griffierecht niet. De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.

[Bron Uitspraak]

Wetingang:

Algemene wet bestuursrecht

Algemene wet bestuursrecht

Instantie: Hoge Raad

Rubriek: Fiscaal bestuurs(proces)recht

Editie: 16 september

Informatiesoort: VN Vandaag

10

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen