Felicia Moenné ontdekte bij toeval dat ze belastingrecht leuk vond. Inmiddels werkt ze bij de Douane, waar ze van elk dossier weer iets nieuws leert. Naast haar werk publiceert ze graag, maar een proefschrift schrijven trekt haar inmiddels niet meer. "Ik vind het veel leuker om her en der te publiceren over uiteenlopende onderwerpen dan me een paar jaar te concentreren op één onderwerp."

Waarom koos je voor de rechtenstudie?
"Het was niet een vooropgezet plan. Ik bezocht een open dag en vond het interessant. Het leek me handig dat je met rechten nog alle kanten op kon en dat taal en analytisch denken een belangrijke rol spelen. Dat ik fiscaal recht ging doen was een toevalligheidje. Ik zat in het vierde jaar van mijn bachelor en hoefde alleen mijn scriptie nog maar te schrijven. Om het jaar op te vullen volgde ik keuzevakken. Het vak belastingrecht vond ik direct leuk. Ik zag mezelf wel iets doen met cijfertjes en het heeft ook een maatschappelijk aspect. Eigenlijk is het raar dat je op de middelbare school geen belastingrecht krijgt. Het is nuttig om daar iets over te leren."

Hoe kwam je bij de Douane terecht?
"Ik ben begonnen bij een big four kantoor, maar ik denk dat dat te commercieel voor mij was. Ik vind het leuker als ik de tijd krijg voor een bepaalde vraag of uitzoekklus. Daarom ging ik bij de Hoge Raad werken. Dat was de ideale omgeving om zaken uit te zoeken, want je krijgt alle tijd en ruimte. Dat was een goede keuze. Ik heb daar bijna vijf jaar gewerkt. Bij de Hoge Raad werk je voor een raadsheer of een advocaat-generaal. Je naam staat niet onder je stukken, dus je draagt niet de volledige verantwoordelijkheid. Ik was er wel aan toe om wat meer autonomie te hebben in mijn werk en zelf de verantwoordelijkheid te dragen voor beslissingen. Dat heeft misschien ook met leeftijd te maken. Bij de Douane draag ik zelf de verantwoordelijkheid."

Wie inspireert jou in je vak?
"Ik heb twee verschillende inspiratiebronnen. Eigenlijk zijn het ook mentoren geweest voor mij. Bij de Hoge Raad was dat de raadsheer die gespecialiseerd is in het douanerecht, Liesbeth Punt. Zij heeft mij geleerd scherp te denken en het ook zo op te schrijven. Een verhaal moet logisch zijn, je mag geen stappen overslaan. Dat is belangrijk bij de conclusies en arresten die je schrijft en voorbereidt, maar het helpt ook bij het publiceren. Ik heb veel van haar geleerd en ook leuk met haar samengewerkt.

Mijn mentor bij de Douane is Karin Dekker. Zij heeft mij juist de skills geleerd die je nodig hebt als inspecteur bij de Douane. Dan gaat het om dienstbaarheid en je inleven in de wederpartij. Bij de Douane word je soms erg geleefd door deadlines, bijvoorbeeld die van de rechtbank. Dan kun je niet eindeloos blijven analyseren. Je moet een beetje pragmatisch zijn. Als de situatie daarom vraagt is een zes soms ook genoeg."

Waar zie je jezelf over vijf jaar?
"Dat vind ik een lastige vraag. Vaak kwam ik ergens toevallig terecht. Het is maar net wat er op mijn pad komt en wat goed voelt. Het douanerecht is een breed vakgebied. Ik leer nog steeds van elk dossier. Als het over vijf jaar nog steeds leerzaam is, hoef ik niet weg."

Wat zijn je grootste zakelijke successen tot nu toe? 
"Ik wil het eigenlijk hebben over iets wat níet is gelukt, namelijk het schrijven van een proefschrift. In deze interviewreeks zijn de mensen vaak gepromoveerd of nog bezig met hun proefschrift. Ik begon daar vorig jaar ook aan. Ik was al met iemand bezig om een onderzoeksplan op te stellen en ik kreeg daar van de Douane ook gelegenheid voor. Maar ineens zag ik het niet meer zitten. Ik werk graag voor Vakstudie Nieuws en FED en ik ben momenteel betrokken bij het opzetten van commentaar op het Douanewetboek van de Unie. Dat is een enorm project dat nu in de startblokken staat. Bij sommige zaken uit het Douanewetboek sta ik nooit stil, omdat ik ze niet gebruik in mijn werk. Ik vind het leuk om me daar ook in te verdiepen. Wat is erover geschreven? Komt het voor in arresten? Al die dingen had ik moeten laten schieten als ik was doorgegaan met het proefschrift. Ik ben toen erachter gekomen dat ik het veel leuker vind om her en der te publiceren over uiteenlopende onderwerpen dan me een paar jaar te concentreren op één onderwerp. Die afzonderlijke publicaties geven mij kennelijk meer energie."

Wat maakt dat jij geschikt bent voor je vak?
"Ik denk dat ik een goed analytisch vermogen heb. Maar het belangrijkste is dat dossiers en uitspraken die ik ga annoteren mij nieuwsgierig maken. Ik houd ervan om uit te zoeken hoe iets zit en het vervolgens uit te leggen. Want dan weet je zeker dat je het goed begrepen hebt. Dat ik enthousiast ben over mijn vak helpt natuurlijk ook."

Hoe zie jij het fiscale landschap, nationaal en internationaal, en jouw plek hierin?
"In principe moeten alle lidstaten het douanerecht op dezelfde manier uitvoeren. Soms zit ik in een spagaat, want ik wil ook de inspecteur zijn die iets kan betekenen binnen de wet- en regelgeving. Ik vind het oprecht fijn als dat kan. Ik heb immers geen eigen belang, zoals bijvoorbeeld een advocaat. Maar internationaal gezien moeten we ons werk toch op dezelfde manier doen als de andere lidstaten. Als wij het douanerecht gunstiger uitleggen dan andere lidstaten, zou iedereen ervoor kiezen alle goederen via Nederland in te voeren. Dat moeten we niet willen. Ik geloof ook wel in de Europese gedachte, dus dan moeten we wel trouw blijven aan de Europese regels."

Vind je publiceren belangrijk? 
"Het fijne is dat je heel bewust iets gaat uitzoeken. Dat je de tijd neemt om aandachtig te lezen en jezelf de vraag te stellen: is deze uitspraak logisch of niet en waarom is dat zo? Publiceren dwingt je daartoe. Ik vind het fijn om dingen helder op te schrijven. Dat doe ik in mijn werk natuurlijk ook, maar bij publicaties kan ik daar bewuster de tijd voor nemen."

Hoe zie je de rol van de uitgever?
"Wat ik belangrijk vind is dat Wolters Kluwer mensen bij elkaar brengt en dat je andere auteurs ontmoet. Ook vind ik het belangrijk om feedback te krijgen. Je kunt natuurlijk ook op LinkedIn publiceren, maar dan is er niets anders dan jij en je beeldscherm. Het is nuttig als andere mensen naar je tekst kijken en commentaar geven."

Wat is jouw favoriete arrest?
"In het douanerecht moeten goederen ingedeeld worden in de Gecombineerde Nomenclatuur om het tarief te kunnen bepalen. Het kattenkrabpaal-arrest (PR Pet) van het Hof van Justitie vind ik een grappig arrest. De rechtbank in Nederland had in deze zaak vragen gesteld over de indeling van een kattenkrabpaal. Die vergeleek de kattenkrabpaal met een soort boekenkast waarin boeken worden geordend. De gedachte was: met een kattenkrabpaal orden je misschien wel je kat. Maar in het arrest oordeelt het Hof van Justitie dat de kattenkrabpaal geen meubel is. Er staat ook letterlijk: met een kattenkrabpaal orden je niet je kat. Zo’n arrest lees ik met veel plezier."

---------------------------------

In de reeks Young Professionals zijn eerder interviews afgenomen met Lars EhrencronBart MestromAnne de WitMaiko van BakelCiska WismanIlona van den EijndeMartijn SchippersLoes van HultenVassilis DafnomilisBart van der BurgtBrenda CoeberghMatthijs van der WulpClaire HofmanArthur van der Linden en Jeroen Rheinfeld.

Bron: Tekst: Wilma van Hoeflaken -- Fotografie: Berly Damman

Informatiesoort: Nieuws, Interviews, Young Professionals

Rubriek: Douane

44

Gerelateerde artikelen