Voor 2027 bedraagt het gemiddelde premiepercentage voor de WGA-component 1,07% en voor de ZW-component 0,60%. De minimumpremies zijn vastgesteld op respectievelijk 0,26% en 0,15%, terwijl de maximumpremies uitkomen op 4,28% (WGA) en 2,40% (ZW). Voor uitzendbedrijven geldt voor de ZW-component een afwijkende maximumpremie van 5,96%. Daarnaast heeft het UWV het gemiddelde premieplichtige loon vastgesteld op € 45.400. Werkgevers met een premieplichtige loonsom tot € 1.135.000 worden als kleine werkgever aangemerkt. De grens tussen middelgrote en grote werkgevers ligt bij € 4.540.000. Deze indeling is van belang voor de wijze waarop de individuele Whk-premie wordt berekend.
De sectorale premies lopen sterk uiteen. Zo kennen sectoren als Reiniging, Uitzendbedrijven en Werk en (re)Integratie relatief hoge WGA- en ZW-premies, terwijl onder meer het Verzekeringswezen en diverse overheidssectoren aanzienlijk lagere percentages kennen. Het besluit bevat tevens de correctiefactoren die worden gebruikt bij de bepaling van de individuele werkgeverspremies.
Wetingang:
Wet financiering sociale verzekeringen artikel 38