Rechtbank Zeeland-West-Brabant is van oordeel dat geen sprake is van concrete voldoende bepaalbare tegenprestaties. De in rekening gebrachte bemiddelingskosten zijn hierdoor niet aftrekbaar van de winst.

X bv houdt zich bezig met de verkoop van ongevulkaniseerde rubberproducten en grondstoffen. Om de Aziatische markt te betreden sluit ze een overeenkomst hiertoe met een entiteit uit Hong Kong (bedrijf 3). De bestuurders en de (nominees) aandeelhouders van bedrijf 3 vallen in de categorie trustkantoor. De facturen zijn zeer summier en zijn niet volledig in overeenstemming met de wel beschikbare informatie. Naar aanleiding van een controlerapport corrigeert de inspecteur de bemiddelingskosten voor 2011 met € 235.000 en voor 2012 met € 70.000.

De rechtbank is van oordeel dat X bv niet in de op haar rustende bewijslast is geslaagd. Van concrete voldoende bepaalbare tegenprestaties door bedrijf 3 is niets gebleken, nu naast de overeenkomst en facturen een onderbouwing hiervan met stukken ontbreekt. Dat X bv met bedrijf 3 voornamelijk mondelinge afspraken maakt en om die reden geen nadere stukken kan overleggen, is een omstandigheid die volgens de rechtbank voor rekening van X bv komt. De rechtbank vermindert de opgelegde vergrijpboete van 25% wegens undue delay en verklaart het beroep voor het overige ongegrond.

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Wet inkomstenbelasting 2001 3.8

Informatiesoort: VN Vandaag

Rubriek: Vennootschapsbelasting

Instantie: Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Editie: 15 februari

15

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen