In verband met de inschrijving van een Mercedes-Benz GLC-klasse voldoet X BV € 2061 aan BPM op aangifte. In de aangifte wordt een beroep gedaan op de taxatiemethode en een taxatierapport bijgevoegd. Volgens X BV moet rekening worden gehouden met een schade van € 31.000. Volgens de inspecteur kan dat niet omdat de auto essentiële gebreken heeft. Hij houdt uiteindelijk rekening met een schade van € 2763.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat X BV niet aannemelijk maakt dat met een hoger bedrag aan schade rekening moet worden gehouden dan de inspecteur reeds heeft gedaan. Het door X BV overgelegde fotomateriaal noopt daar niet toe. De omvang van de door X bepleite schade wordt onvoldoende inzichtelijk gemaakt. Er is slechts sprake van niet meer dan normale gebruiksschade. Nu een waardevermindering van de auto wegens schade niet aannemelijk is gemaakt, slaagt het beroep van X BV op de koerslijstmethode niet. De handelsinkoopwaarde zoals gegeven door de koerslijst Xray wordt niet verminderd. De BPM-naheffingsaanslag blijft in stand.
Wetingang:
Wet op de belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992 artikel 9
Instantie: Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Rubriek: Belastingheffing van motorrijtuigen
Editie: 29 mei
Informatiesoort: VN Vandaag