Ondanks recente belastingmaatregelen in Frankrijk en Italië blijft het kabinet van mening dat de Nederlandse inkoopfaciliteit in de dividendbelasting voor beursvennootschappen een gerechtvaardigde functie heeft en niet hoeft te worden aangepast. Dat schrijft staatssecretaris Eerenberg van Financiën aan de Tweede Kamer.

In Nederland is bij aandeleninkoop in beginsel dividendbelasting verschuldigd, maar beursvennootschappen kunnen onder strikte voorwaarden gebruikmaken van de inkoopfaciliteit. De inkoopfaciliteit voorkomt dat dividendbelasting een directe kostenpost vormt voor de vennootschap.

Frankrijk belast aandeleninkoop vooral via de aandeelhouder en heeft sinds maart 2025 daarnaast een nieuwe heffing ingevoerd op kapitaalverminderingen na aandeleninkoop bij grote ondernemingen. Italië belast aandeleninkoop voornamelijk als vermogenswinst bij de aandeelhouder en kent daarnaast een financiële transactiebelasting, waarvan de tarieven in 2026 zijn verhoogd.

Volgens het kabinet zijn deze buitenlandse maatregelen moeilijk te vergelijken met de Nederlandse systematiek, omdat zij onderdeel zijn van andere belastingstelsels. Het kabinet benadrukt dat de inkoopfaciliteit nog steeds een belangrijk knelpunt voor beursvennootschappen wegneemt en aandeleninkoop hierdoor een legitiem strategisch instrument blijft voor beursvennootschappen.

Wetingang:

Wet op de dividendbelasting 1965 artikel 4C

[Nieuwsbron] [Nieuwsbron] [Nieuwsbron]

Rubriek: Dividendbelasting

Regelgevende instantie: Ministerie van Financiën

Editie: 6 juli

Informatiesoort: VN Vandaag

14

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen