Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat het belang van bescherming van persoonsgegevens en persoonlijke levenssfeer van vier derden zwaarder weegt dan het belang van X bij kennisneming van geschoonde passages in een processtuk.

In een procedure bevat een stuk, genaamd bijlage 18, zeer veel persoonlijke informatie. De inspecteur schoont in bijlage 18 de adresgegevens, woonplaatsgegevens, handtekeningen en burgerservicenummers van vier personen die niet bij de procedure betrokken zijn. De namen en geboortedata van deze personen blijven wel zichtbaar. Daarom verzoekt de inspecteur om volledige geheimhouding, waarbij zowel de rechter in de hoofdzaak als X geen kennis mogen nemen van de geschoonde passages. De rechtbank biedt X de mogelijkheid te reageren, maar X reageert niet binnen de gestelde termijn. In geschil is of gewichtige redenen de geheimhouding van geschoonde persoonsgegevens van derden in bijlage 18 rechtvaardigen op grond van art. 8:29 Awb.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat het privacybelang van de vier derden zwaarder weegt dan het belang van X bij kennisneming van de geschoonde gegevens. De geheimhoudingskamer neemt in aanmerking dat de namen en geboortedata zichtbaar blijven, zodat voor X duidelijk is op welke personen de passages betrekking hebben, dat deze personen niet bij de procedure betrokken zijn en dat X niet wezenlijk in zijn procesvoering wordt belemmerd. De geheimhoudingskamer wijst het verzoek om geheimhouding toe.

[Bron Uitspraak]

Wetingang:

Algemene wet bestuursrecht artikel 8.29

Algemene wet bestuursrecht artikel 8.42

Instantie: Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Rubriek: Fiscaal bestuurs(proces)recht

Editie: 6 juli

Informatiesoort: VN Vandaag

11

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen