Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat de ontvanger de aanmaningskosten en dwangbevelkosten conform de wettelijke bepalingen juist berekent en dat de Kostenwet geen ruimte biedt om vervolgingskosten op grond van omstandigheden te verlagen.

X BV krijgt een naheffingsaanslag omzetbelasting inclusief belastingrente opgelegd. De ontvanger verzendt een aanmaning met een betalingstermijn. X BV betaalt niet binnen de gestelde termijn. Vervolgens brengt de ontvanger vervolgingskosten in rekening. X BV maakt bezwaar en stelt dat de kosten disproportioneel zijn, mede omdat voor twee ondernemingen suppletieaangiften omzetbelasting zijn ingediend in verband met een managementvergoeding, waarbij voor de ene onderneming kosten in rekening komen maar voor de andere geen rente vergoed wordt.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat de ontvanger de aanmaningskosten en dwangbevelkosten conform de wettelijke bepalingen juist berekent. X BV levert geen bewijs dat zij vóór het dwangbevel om uitstel van betaling verzoekt. De door X BV aangevoerde omstandigheden kunnen niet leiden tot een lager bedrag dan wettelijk verschuldigd, omdat de Kostenwet daartoe geen ruimte biedt. Het is de rechter niet toegestaan deze formele wettelijke bepalingen te toetsen op innerlijke waarde of billijkheid.

[Bron Uitspraak]

Wetingang:

Invorderingswet 1990 artikel 12

Instantie: Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Rubriek: Invordering, Fiscaal bestuurs(proces)recht

Editie: 17 augustus

Informatiesoort: VN Vandaag

7

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen