X koopt als particulier een VW Polo 2.0 TSI GTI met schade, die afkomstig is uit een andere EU-lidstaat. Volgens zijn BPM-aangifte is € 1411 verschuldigd. Na hertaxatie door Domeinen volgt een naheffing, die na bezwaar is verminderd tot € 2583. Hierbij is uitgegaan van een CO2-uitstoot van 141 gram per km. Rechtbank Noord-Holland stelt op basis van openbare bronnen vast dat deze uitstoot overeenkomt met de uitkomst van een NEDC-meting en dat de uitstoot volgens een WLTP-meting 165 gram per km is. X is dus niet benadeeld (zie HR 26 april 2024, ECLI:NL:HR:2024:653, V-N 2024/20.16). X gaat in hoger beroep.
Hof Amsterdam oordeelt dat de naheffing € 23 te hoog is in verband met een hogere in aanmerking te nemen historische nieuwprijs. De handelsinkoopwaarde is niet lager dan de individueel getaxeerde waarde van € 17.281, mede omdat X zelf € 18.000 voor de auto heeft betaald. De aanslag wordt verlaagd tot € 2521 en de bezwaarkostenvergoeding wordt alsnog verhoogd tot € 1332 (vgl. HR 27 mei 2022, ECLI:NL:HR:2022:752, V-N 2022/24.13). Ten aanzien van de overige formeelrechtelijke klachten wordt onder verwijzing naar de jurisprudentie overwogen dat deze ongegrond zijn. X krijgt een proceskostenvergoeding voor het hoger beroep van € 234 en die voor het beroep in eerste aanleg wordt verhoogd tot € 280, zijnde 30% van het forfait.
Wetingang:
Algemene wet bestuursrecht artikel 7.15
Algemene wet bestuursrecht artikel 8.75
Wet op de belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992 artikel 10
Instantie: Hof Amsterdam
Rubriek: Fiscaal bestuurs(proces)recht, Belastingheffing van motorrijtuigen
Editie: 16 juli
Informatiesoort: VN Vandaag