Rechtbank Gelderland oordeelt dat terecht belastingrente in rekening is gebracht. X slaagt namelijk niet in de op hem rustende bewijslast voor zijn beroep dat vertrouwen bij hem is gewekt dat hij geen belastingrente is verschuldigd.

X dient op 30 april 2024 zijn IB-aangifte 2022 in. Bij het opleggen van de aanslag wordt belastingrente in rekening gebracht over de periode 1 juli 2023 - 16 augustus 2024. X beroept zich op het vertrouwen dat bij hem is gewekt door een brief van de Belastingdienst waarin uitstel aan hem is verleend. Door deze brief verkeerde X in de veronderstelling dat geen belastingrente in rekening zou worden gebracht.

Rechtbank Gelderland oordeelt dat terecht belastingrente in rekening is gebracht. X slaagt namelijk niet in de op hem rustende bewijslast voor zijn beroep dat vertrouwen bij hem is gewekt dat hij geen belastingrente is verschuldigd. De brief waarmee het vertrouwen volgens hem is gewekt, kan X niet overleggen. Nu de inspecteur, na een intern onderzoek, heeft vastgesteld dat hij de brief niet heeft, komt een en ander voor rekening en risico van X. Het gelijk is aan de inspecteur.

[Bron Uitspraak]

Wetingang:

Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 30F

Instantie: Rechtbank Gelderland

Rubriek: Fiscaal bestuurs(proces)recht

Editie: 1 juli

Informatiesoort: VN Vandaag

15

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen