Hof Den Haag oordeelt dat X voldoende gemotiveerd betwist dat de uitspraak op bezwaar uiterlijk op de dag van dagtekening is verzonden. Het hof acht daarbij van belang dat X een dag voor het einde van de beroepstermijn per e-mail aangeeft de uitspraak een week later te hebben ontvangen. De inspecteur legt geen verzendadministratie of ander bewijs van verzending over en voldoet daarmee niet aan zijn bewijslast. De schermprint van de bezwaarapplicatie toont niet aan dat daadwerkelijke verzending heeft plaatsgevonden. Het hof verklaart het beroep alsnog ontvankelijk. Op basis van de door de inspecteur overgelegde berekeningen stelt het hof vast dat de aanslagen naar de juiste bedragen zijn opgelegd.
Hof Den Haag oordeelt dat X voldoende gemotiveerd betwist dat de uitspraak op bezwaar uiterlijk op de dag van dagtekening is verzonden, mede omdat zij nog vóór afloop van de beroepstermijn melding maakt van latere ontvangst. De inspecteur legt geen verzendadministratie of ander bewijs van verzending over en voldoet daarmee niet aan zijn bewijslast. Daardoor moet worden uitgegaan van een latere aanvang van de beroepstermijn en is het beroep alsnog ontvankelijk. Inhoudelijk leidt dat niet tot verdere vermindering, omdat de aanslagen volgens het hof naar de juiste bedragen zijn opgelegd.
Wetingang:
Algemene wet bestuursrecht artikel 6.7
Algemene wet bestuursrecht artikel 6.8
Algemene wet bestuursrecht artikel 6.11
Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 26C
Instantie: Hof Den Haag
Rubriek: Fiscaal bestuurs(proces)recht
Editie: 7 augustus
Informatiesoort: VN Vandaag