Volgens de Kennisgroep pensioenen en de Kennisgroep belastingplicht en kwalificatie rechtsvormen kan een buitenlandse pensioeninstelling de Nederlandse pensioenvrijstelling toepassen ondanks dat deelname aan de pensioenregeling afhankelijk is van een minimumleeftijd of een minimumloon. Voorwaarde is dat het buitenlandse pensioenlichaam ook blijft voldoen aan alle overige voorwaarden van onderdeel 3.3 van het Besluit Staatssecretaris van Financiën 25 november 2019, 2019 - 187751, Stcrt. 2019, 66223, V-N 2020/3.11.
In de voorgelegde casus verzoekt X, een naar het recht van land Y opgericht en aldaar gevestigd pensioenlichaam, om teruggaaf van Nederlandse dividendbelasting die is ingehouden op dividenden uit Nederlandse aandelen. Deelnemers aan de pensioenregeling van X nemen automatisch deel aan de pensioenregeling als zij ofwel een minimumleeftijd hebben bereikt ofwel een bepaald minimum loonbedrag genieten. Voor de toepassing van de teruggaafregeling dividendbelasting moet onder meer zijn voldaan aan de pensioenvrijstelling (ex. art. 5 lid 1 sub b Wet VPB 1969). Aan de Kennisgroepen is de vraag gesteld of de toetredingsdrempels voor deelname aan de pensioenregeling voor X in de weg aan de toepassing van de pensioenvrijstelling.
Wetingang:
Wet op de vennootschapsbelasting 1969 artikel 5
Rubriek: Vennootschapsbelasting
Regelgevende instantie: Belastingdienst
Editie: 7 augustus
Informatiesoort: VN Vandaag