X is houder van een DAF-vrachtauto met de inrichting straatveger, reiniger, rioolzuiger. In 2024 wordt vastgesteld dat voor het gebruik van de DAF geen BZM-aangifte is gedaan. De inspecteur legt daarom een BPM-naheffingsaanslag met boete op aan X. X is echter van mening dat de DAF onder de BZM-vrijstelling voor een straal-/zuigwagen valt.
Rechtbank Noord-Nederland oordeelt dat de veegauto van X voor de BZM kwalificeert als een zwaar motorrijtuig, omdat het een laadfunctie heeft. X maakt namelijk niet aannemelijk dat de DAF uitsluitend is ingericht en gebruikt voor aanleg en onderhoud van wegen. De inrichting biedt ook andere gebruiksmogelijkheden en de DAF verwijdert geen onderdelen van de weg, zodat de vrijstelling ook niet van toepassing is. De inspecteur heeft terecht een verzuimboete opgelegd.
Wetingang:
Wet belasting zware motorrijtuigen artikel 3
Wet belasting zware motorrijtuigen artikel 13
Wet belasting zware motorrijtuigen artikel 15
Uitvoeringsbesluit belasting zware motorrijtuigen artikel 6
Instantie: Rechtbank Noord-Nederland
Rubriek: Belastingheffing van motorrijtuigen
Editie: 13 mei
Informatiesoort: VN Vandaag