X BV koopt in oktober 2021 een pand in een gebouw in verwaarloosde staat om het op te knappen en te exploiteren. Medio 2022 plaatst de gemeente hekken rond het pand vanwege de bouwkundige staat en het aantreffen van een drugslab in een ander pand, maar in hetzelfde gebouw. De hekken zijn in ieder geval tot juli 2023 blijven staan. X BV is het niet eens met de aan haar opgelegde OZB-gebruikersaanslagen onroerendezaakbelasting 2022 en 2023, omdat zij het pand niet mocht betreden. De heffingsambtenaar stelt dat de hekken het gebruik van het pand door X BV niet in de weg staan.
Rechtbank Noord-Nederland oordeelt dat op 1 januari 2022 duurzaam gebruik van het pand door X BV redelijkerwijs te verwachten was, maar op 1 januari 2023 niet. Op 1 januari 2022 waren de hekken rond het pand van X BV namelijk nog niet geplaatst, maar op 1 januari 2023 wel. Omdat X BV op 1 januari 2022 dus nog toegang tot het pand had en zij toen ook geen reden had om te verwachten dat haar die toegang zou worden ontzegd, blijft de OZB-aanslag 2022 in stand. De OZB-aanslag 2023 wordt vernietigd omdat X BV op 1 januari 2023 geen toegang had tot het pand. De heffingsambtenaar maakt niet met bewijsmiddelen aannemelijk dat X BV ondanks plaatsing van de hekken toegang tot het pand bleef behouden en haar werkzaamheden kon (blijven) uitvoeren.
Wetingang:
Wet waardering onroerende zaken artikel 30A
Instantie: Rechtbank Noord-Nederland
Rubriek: Belastingen van lagere overheden
Editie: 4 september
Informatiesoort: VN Vandaag