Het werkelijk rendement van zerobonds (nulcouponobligaties) onder de tegenbewijsregeling box 3 bestaat enkel uit vermogensaanwas. Omdat feitelijk geen sprake is van rente is ook geen sprake van een regulier voordeel. De vermogensmutatie wordt jaarlijks in aanmerking genomen als vermogensaanwas. Dat staat in een standpunt van de Kennisgroep inkomstenbelasting niet-winst.

Zerobonds zijn obligaties die tijdens de looptijd geen rente uitkeren. De obligaties worden voor een prijs beneden de nominale waarde uitgegeven (onder pari) en doorgaans aan het einde van de looptijd afgelost voor de nominale waarde (à pari). De korting die bij de aankoop wordt verkregen, is vergelijkbaar met rente die pas aan het einde van de looptijd wordt uitgekeerd.

Gedurende de looptijd fluctueert een zerobond in waarde. Vanaf de uitgiftedatum zal de waarde stijgen richting de aflossingswaarde. De waarde fluctueert door wijziging van de marktrente. Voor de waardering van een zerobond wordt daarom aangesloten bij de in de prijscourant genoteerde beurskoers. Bij het ontbreken van een beurskoers moet de waarde in het economische verkeer van de zerobond worden bepaald. Hierbij vormen de waarde bij uitgifte, de looptijd, de marktrente en nominale waarde van de zerobond indicatoren om de waarde aan het begin en aan het einde van het jaar te berekenen.

Wetingang:

Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 5.2

Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 5.25

Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 5.27

Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 5.28

Rubriek: Inkomstenbelasting

Regelgevende instantie: Belastingdienst

Editie: 8 juni

Informatiesoort: VN Vandaag

18

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen