Aan X worden in 2020 door haar moeder 600 certificaten van aandelen A in H BV geschonken. Op het moment van de schenking bedraagt het belang van moeder in H BV 7,55%. Tot 17 oktober 2018 bedroeg het belang 6%. Aan de toename van het belang met 1,55% in 2018 ligt de inkoop van 20,5% eigen aandelen A ten grondslag, die werden gehouden door een broer van X. X doet ter zake van de schenking een beroep op de BOR. De inspecteur acht de BOR van toepassing, behalve op de toename van 1,55% uit 2018, omdat volgens hem voor dit deel niet is voldaan aan het bezitsvereiste. Hij legt daarom een aanslag schenkbelasting op van € 52.501.
Rechtbank Noord-Nederland oordeelt dat de BOR op de volledige schenking van toepassing is, dus ook op de toename van het belang in 2018. Volgens de rechtbank is namelijk wel voldaan aan het bezitsvereiste. De rechtbank wijst erop dat moeder 600 certificaten in haar bezit had en die heeft geschonken. Dat het belang in H BV door de inkoop is gestegen is niet van belang. Er is voldaan aan de bezitsvereisten: moeder is ten tijde van de schenking gedurende vijf jaren in het bezit geweest van de geschonken certificaten en H BV heeft ten minste vijf jaren een onderneming gedreven. De inkoop van de aandelen door H BV heeft daar geen verandering in gebracht. De rechtbank vernietigt de aanslag schenkbelasting.
Wetingang:
Instantie: Rechtbank Noord-Nederland
Rubriek: Schenk- en erfbelasting
Editie: 22 april
Informatiesoort: VN Vandaag
Focus: Focus