Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat X accijns verschuldigd is wegens voorhanden hebben en betrokkenheid bij onveraccijnsde sigaretten. Het geschil betreft de rechtmatigheid en hoogte van de naheffingsaanslag accijns.

X exploiteert twee eenmanszaken en huurt een loods waar hij volgens eigen verklaring isolatiemateriaal inkoopt, opslaat en verzendt voor een buitenlandse afnemer. In de loods en in een vrachtwagen treffen douaneambtenaren in totaal 4.480.000 onveraccijnsde sigaretten aan, verpakt in dozen met isolatiemateriaaletiketten. De FIOD stelt vast dat X isolatiemateriaal inkoopt, CMR-documenten opstelt, facturen opmaakt en de loods ter beschikking stelt voor ompakken en transport. Zes vrachtbrieven tonen eerdere zendingen naar het Verenigd Koninkrijk. X verklaart dat een Engelssprekende tussenpersoon werkzaamheden aanstuurt en dat betalingen deels contant plaatsvinden en dat hij niks te maken heeft met de sigaretten. In geschil is of de inspecteur de naheffingsaanslag accijns terecht en tot de juiste hoogte vaststelt.

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat wetenschap over de sigaretten geen vereiste vormt voor belastingplicht en dat X accijns verschuldigd is omdat hij de sigaretten voorhanden heeft en betrokken is bij het voorhanden hebben daarvan. Het hof verwijst naar de uitleg van art. 51 Wet op de accijns en bepaalt dat de door X verrichte handelingen, waaronder inkopen, opmaken van documenten en beschikbaar stellen van de loods, betrokkenheid opleveren bij de sigaretten in zowel de loods als de vrachtwagen. Disculpatie voor werknemers is niet van toepassing. Het hof bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank en houdt de naheffingsaanslag in stand.

[Bron Uitspraak]

Wetingang:

Wet op de accijns artikel 2

Wet op de accijns artikel 51

Instantie: Hof Arnhem-Leeuwarden

Rubriek: Accijns en verbruiksbelastingen

Editie: 8 mei

Informatiesoort: VN Vandaag

81

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen