De geheimhoudingskamer van Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat als X weet over welke informatie de inspecteur al beschikt het risico van calculerend gedrag te groot is.Aan X is een informatiebeschikking uitgereikt. In de beroepsfase stelt de inspecteur dat bepaalde stukken voor X geheim moeten blijven of dat slechts beperkte kennisneming geoorloofd is. Als redenen worden genoemd: het belang van privacy van ambtenaren, het belang van privacy van derden, het belang van de Belastingdienst bij een effectieve controle en controlestrategie en het voorkomen van calculerend en/of anticiperend gedrag van X.

De geheimhoudingskamer van Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat als X weet over welke informatie de inspecteur al beschikt het risico van calculerend gedrag te groot is. De door de inspecteur genoemde redenen zijn voldoende gewichtig om geheimhouding te rechtvaardigen. Van één bijlage is door de inspecteur geen geschoonde versie overgelegd, omdat deze geheel geheim zou moeten blijven. De blanco pagina’s in een andere bijlage zijn kennelijk ontstaan door het dubbelzijdig kopiëren van enkelzijdige stukken. Op de blanco pagina’s staat dus geen geheim te houden tekst. Het verzoek om geheimhouding wordt toegewezen op één pagina na, omdat die eerder naar X is verstuurd.

[Bron Uitspraak]

Wetingang:

Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 47

Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 52A

Algemene wet bestuursrecht artikel 8.29

Algemene wet bestuursrecht artikel 8.42

Instantie: Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Editie: 2 juli

Informatiesoort: VN Vandaag

Rubriek: Fiscaal bestuurs(proces)recht

158

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen