De heer A is enig aandeelhouder van X BV en emigreert in augustus 2014 met zijn gezin naar de VS. In 2018 trekt X BV € 156.871 fiscale advieskosten af. € 127.043 heeft betrekking op het herstructureren van de ondernemingsstructuur in de VS ter voorkoming van een toerekening van de ondernemingsresultaten aan A en een mogelijke economische dubbele heffing als gevolg van de inwerkingtreding van de GILTI-wetgeving. € 29.828 houdt verband met de tax compliance van A in de VS. De inspecteur stelt dat sprake is van een verkapte winstuitdeling en legt een naheffingsaanslag dividendbelasting op.
Hof Den Haag oordeelt dat de door X BV gemaakte advieskosten met betrekking tot de Amerikaanse belastingclaim en herstructurering (€ 127.043) zakelijk zijn. Er is geen wanverhouding tussen de kosten en het nut daarvan voor de onderneming. De compliancekosten ten behoeve van de fiscale verplichtingen van A in de VS van € 29.828 zijn wel een verkapte winstuitdeling. De naheffingsaanslag wordt verlaagd en de belastingrente wordt evenredig verlaagd. Het rentepercentage van 4 is niet in strijd met het evenredigheidsbeginsel en art.1 EP van het EVRM (zie HR 16 januari 2026, ECLI:NL:HR:2026:59, V-N 2026/5.21). Het hoger beroep is gegrond.
Wetingang:
Wet op de dividendbelasting 1965 artikel 2
Wet op de dividendbelasting 1965 artikel 3
Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden artikel 14
Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 30HB
Instantie: Hof Den Haag
Rubriek: Fiscaal bestuurs(proces)recht, Dividendbelasting
Editie: 27 april
Informatiesoort: VN Vandaag