X BV maakt onderdeel uit van een beursgenoteerd concern dat wereldwijd logistieke diensten verleent. De dochterondernemingen van X BV keren dividend uit in hun lokale valuta. Ter zake van het dividend van het Chinese A Ltd. verantwoordt X BV een (valuta)verlies. Het gedeclareerde dividend wordt namelijk geactiveerd en gewaardeerd tegen de CNY-EUR-koers van de laatste dag van de aan de transactie voorafgaande maand. De inspecteur is van mening dat de dagkoers moet worden gehanteerd. Hij komt uit op een (valuta)winst op de dividendvordering.
Rechtbank Noord-Holland oordeelt dat het door X BV gehanteerde systeem, waarbij dividendvorderingen worden berekend tegen de slotkoers van de aan de transactie voorafgaande maand, in overeenstemming is met goed koopmansgebruik. De waarderingsmethode sluit aan bij het beleid binnen het concern waarvan X BV deel uitmaakt. Volgens de rechtbank voldoet het gehanteerde systeem aan het realiteitsbeginsel en het eenvoudsbeginsel. Het systeem is in overeenstemming met goed koopmansgebruik. De rechtbank wijst nog op het arrest van de Hoge Raad van 3 november 2023 (21/03076, ECLI:NL:HR:2023:1504, V-N 2023/51.10). Hieruit volgt niet dat vorderingen in vreemde valuta tegen dagkoersen moeten worden omgerekend. De stelling van de inspecteur dat de overeenkomst waarop de waardering is gebaseerd onzakelijk is, wordt verworpen. De inspecteur heeft zijn stelling namelijk niet voldoende met feiten en omstandigheden onderbouwd. Daarnaast zal het systeem in het ene jaar een valutaverlies laten zien, afhankelijk van de koersontwikkeling, en in het andere jaar een valutawinst. Dat X BV zich door het waarderingssysteem structureel winst laat ontgaan, is niet aannemelijk geworden. De rechtbank vernietigt de navorderingsaanslagen.
Wetingang:
Wet op de vennootschapsbelasting 1969 artikel 8
Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 3.25
Instantie: Rechtbank Noord-Holland
Rubriek: Vennootschapsbelasting, Inkomstenbelasting
Editie: 16 juni
Informatiesoort: VN Vandaag
Focus: Focus