Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat de baten van belanghebbende als invalleerkracht in 2016-2017 niet kwalificeren als winst uit onderneming.

Belanghebbende werkt als timmerman en als invalleerkracht. Belanghebbende heeft in zijn aangifte IB/PVV 2016-2017 zowel de baten uit de timmermanwerkzaamheden als die als invalleerkracht aangegeven als winst uit onderneming. In geschil is of de baten van belanghebbende als invalleerkracht kwalificeren als winst uit onderneming.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant oordeelt dat de baten van belanghebbende als invalleerkracht in 2016-2017 niet kwalificeren als winst uit onderneming. Vóór het ondernemerschap spreekt dat belanghebbende een website bijhoudt waarop hij zijn activiteiten naar buiten toe kenbaar maakt, het feit dat hij bij ziekte en verlof niet wordt doorbetaald en de verklaring van school X dat belanghebbende aansprakelijk kan worden gesteld voor door zijn handelen ontstane schade. Daartegenover staat dat belanghebbende slechts twee verschillende opdrachtgevers heeft, zijn werkzaamheden verricht op de locatie van de scholen en zijn ondernemersrisico zeer beperkt is. Ook is de vergoeding vooraf afgesproken en zijn de werkdagen ingedeeld volgens een vast rooster. Over investeringen in bedrijfsmiddelen loopt belanghebbende geen risico. De rechtbank acht de zelfstandigheid van belanghebbende bij zijn werkzaamheden beperkt. Het beroep is ongegrond.

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Wet inkomstenbelasting 2001 3.5

Wet inkomstenbelasting 2001 3.4

Wet inkomstenbelasting 2001 3.2

Informatiesoort: VN Vandaag

Rubriek: Inkomstenbelasting

Instantie: Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Editie: 8 juli

8

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen