Belanghebbende, X, ontvangt na beëindiging van zijn dienstverband een ontslagvergoeding van € 633.750. Vervolgens werkt hij via een eenmanszaak als consultant in Oman en verdient € 143.819. Hij geeft deze inkomsten aan als winst uit onderneming en claimt aftrek ter voorkoming van dubbele belasting, die wordt geweigerd door de inspecteur. In beroep stelt X dat er sprake was van schijnzelfstandigheid en dat ook de ontslagvergoeding deels aan buitenlandse arbeid moest worden toegerekend.
Rechtbank Gelderland oordeelt dat er sprake is van een dienstbetrekking, omdat de werkzaamheden onder gezag werden verricht en zonder wezenlijk ondernemersrisico. De inkomsten gelden daarom als loon. Oman heeft heffingsrecht, waardoor Nederland voorkoming van dubbele belasting moet verlenen. Voor de ontslagvergoeding heeft X geen vrijstelling omdat niet aannemelijk is geworden dat de ontslagvergoeding gedeeltelijk ten laste is gekomen van een buitenlandse werkgever of van een vaste inrichting die de werkgever in andere staten heeft. Het beroep van X is gegrond.
Wetingang:
Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 2.14
Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 3.1
Besluit voorkoming dubbele belasting 2001 artikel 10
Instantie: Rechtbank Gelderland
Rubriek: Inkomstenbelasting, Internationaal belastingrecht, Europees belastingrecht
Editie: 29 april
Informatiesoort: VN Vandaag