Rechtbank Noord-Nederland oordeelt dat de gemeentelijke verordening afvalstoffenheffing 2024 deels onverbindend is, omdat de inkomsten uit oud papier te laag worden geschat.

X maakt bezwaar tegen de aanslag afvalstoffenheffing over het jaar 2024. In de productenbegroting van de gemeente worden de inkomsten voor oud papier geschat op € 103.200. Hierop wordt voor 'bijstelling oud papier' een bedrag van € 102.200 in mindering gebracht. De reden hiervoor is volgens de heffingsambtenaar dat de gemeente hoge variabele kosten heeft als de marktprijs voor oud papier laag is. De gemeente heeft namelijk met de inzamelaars van oud papier een vaste garantieprijs afgesproken. In geschil is of de verordening afvalstoffenheffing 2024 deels onverbindend is vanwege overschrijding van de opbrengstlimiet.

Rechtbank Noord-Nederland oordeelt dat de gemeentelijke verordening afvalstoffenheffing 2024 deels onverbindend is, omdat de inkomsten uit oud papier te laag worden geschat. De uitleg van de heffingsambtenaar over de garantie- en marktprijs verklaart niet waarom (kennelijk) jaar in jaar uit effectief geen baten voor oud papier worden geraamd. De rechtbank schrapt de bijstelling oud papier. Hierdoor ontstaat een overdekking van 4,753%. Omdat dit minder is dan 10%, verklaart de rechtbank de verordening afvalstoffenheffing 2024 partieel onverbindend. De aanslag wordt naar rato verminderd met € 12,16. Het beroep van X is gegrond.

[Bron Uitspraak]

Wetingang:

Wet milieubeheer artikel 15.33

Gemeentewet artikel 192

Gemeentewet artikel 228A

Instantie: Rechtbank Noord-Nederland

Rubriek: Belastingen van lagere overheden

Editie: 23 april

Informatiesoort: VN Vandaag

4

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen