Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat de heffingsambtenaar bij de legesaanslagen terecht de door X opgegeven bouwkosten heeft vermeerderd met 21% omzetbelasting.

Belanghebbende, X, vraagt twee omgevingsvergunningen aan bij de gemeente Apeldoorn. Als raming van de bouwkosten geeft hij bedragen op van € 1,1 miljoen respectievelijk € 1,3 miljoen exclusief omzetbelasting. De heffingsambtenaar legt hem twee legesaanslagen op waarbij voor de legesberekening de bouwkosten worden vermeerderd met 21% omzetbelasting. Met die 21%-verhoging is X het niet eens.

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat de heffingsambtenaar bij het opleggen van de legesaanslagen terecht de door X opgegeven bouwkosten heeft vermeerderd met 21% omzetbelasting. X stelt dat de slotzin van het artikel in de tarieventabel waarin wordt bepaald dat omzetbelasting is inbegrepen, alleen ziet op gevallen van zelfwerkzaamheid. Volgens het hof biedt de tekst van de verordening daarvoor echter geen aanknopingspunt. De bepaling verwijst zonder beperking naar "de bouwkosten" en geldt daarom voor alle in de tarieventabel genoemde situaties. Het hof verklaart het hoger beroep van X ongegrond maar bepaalt wel dat de heffingsambtenaar het door X in beroep en hoger beroep betaalde griffierecht dient te vergoeden. De heffingsambtenaar heeft onzorgvuldig gehandeld door pas in de beroepsfase uit te leggen waarom van de opgegeven bouwkosten is afgeweken.

[Bron Uitspraak]

Wetingang:

Gemeentewet artikel 229

Instantie: Hof Arnhem-Leeuwarden

Rubriek: Belastingen van lagere overheden

Editie: 30 juni

Informatiesoort: VN Vandaag

11

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen