Hof Amsterdam oordeelt in hoger beroep dat X aan het eerdere boekenonderzoek redelijkerwijs het vertrouwen kon ontlenen dat zij op de juiste wijze de premies werknemersverzekeringen berekende en dus ook van de juiste sectorindeling uitging.

X verricht digitale diensten met betrekking tot films en televisieprogramma's. In 2009 tot en met 2012 berekent X de premies werknemersverzekeringen uitgaande van indeling in sector 43, zijnde zakelijke dienstverlening. Volgens de inspecteur is dat onjuist, aangezien X is ingedeeld in sector 54, zijnde culturele instellingen. In geschil zijn de naheffingsaanslagen loonheffing over 2009 tot en met 2012. Rechtbank Noord-Holland stelt de inspecteur in het gelijk. X stelt in hoger beroep dat in 2007 een boekenonderzoek heeft plaatsgevonden, waarbij alles in orde is bevonden.

Hof Amsterdam oordeelt dat X aan het eerdere boekenonderzoek redelijkerwijs het vertrouwen kon ontlenen dat zij op de juiste wijze de premies werknemersverzekeringen berekende en dus ook van de juiste sectorindeling uitging. De expliciete vermelding destijds dat de premies werknemersverzekeringen juist zijn berekend en ingehouden, is namelijk niet voor een andere uitleg vatbaar. X en haar accountant zijn ook steeds te goeder trouw uitgegaan van sectorindeling 43. X heeft in de discussie met de inspecteur steeds verdedigd dat zij slechts digitale diensten verricht, die weliswaar toevallig met films te maken hebben, maar zich in de kern niet onderscheiden van andere technische diensten. Het beroep van X is gegrond.

[Bron Uitspraak]

Informatiesoort: VN Vandaag

Rubriek: Bronbelasting, Premieheffing

Instantie: Hof Amsterdam

Editie: 1 november

3

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen