Gedaagden, X BV, X1 en X2, exploiteren gezamenlijk ondernemingen waarmee een administratie- en belastingadviespraktijk wordt gevoerd. Volgens de Belastingdienst verstrekken zij ondanks herhaalde verzoeken niet alle gevraagde gegevens en inlichtingen en werken zij onvoldoende mee aan een boekenonderzoek. In dit civiele kort geding wordt gevorderd dat ze gehouden zijn tot volledige en onvoorwaardelijke informatieverstrekking en medewerking aan het boekenonderzoek, waaronder het beantwoorden van eventuele vervolgvragen.
Rechtbank Limburg oordeelt dat de gedaagden worden veroordeeld de gevraagde informatie binnen twee weken na dit vonnis stellig, duidelijk en zonder voorbehoud te verstrekken. Daarnaast moet binnen twee weken na een door de Belastingdienst gestelde redelijke termijn aan het bevel tot beantwoording van (vervolg)vragen worden voldaan. De rechtbank verwerpt het verweer van de belanghebbenden dat eerst een informatiebeschikking had moeten worden afgegeven. Art. 52a lid 4 AWR biedt de Belastingdienst de mogelijkheid om nakoming van de informatieplicht rechtstreeks in kort geding af te dwingen. Als wilsafhankelijk materiaal wordt verstrekt, dan mag dat uitsluitend worden gebruikt ten behoeve van de belastingheffing en niet voor fiscale beboeting of strafvervolging. Gedaagden worden ieder afzonderlijk veroordeeld om een dwangsom te betalen van € 5000 voor iedere dag of gedeelte daarvan dat niet aan de vorderingen is voldaan tot een maximum van € 500.000.
Wetingang:
Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 42
Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 47
Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 49
Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 50
Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 52
Instantie: Rechtbank Limburg
Rubriek: Fiscaal bestuurs(proces)recht
Editie: 23 september
Informatiesoort: VN Vandaag