Hof Arnhem-Leeuwarden beslist dat X BTW moet voldoen over de levering van 56 auto’s in 2015 en 2016 als de verhuuractiviteiten al zijn gestaakt. De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.

X drijft een eenmanszaak die tot en met 2013 onder meer auto’s verhuurt. Na 2013 is geen omzet meer verantwoord in de BTW-aangiften. Bij een boekenonderzoek in 2017/18 blijkt dat bijna 60 voertuigen minder op naam staan dan vier jaar eerder. Uit derdenonderzoeken is een groot deel van de bruto-opbrengsten bij verkopen in 2015 en 2016 achterhaald. X heeft na juli 2017 een verkoopovereenkomst van 20 december 2014 aan de Belastingdienst verstrekt, op basis waarvan voertuigen aan diens echtgenoot zijn verkocht. Deze overeenkomst bevond zich niet in de administratie bij het boekenonderzoek en de kentekens zijn nooit op naam van de echtgenoot gesteld.

Hof Arnhem-Leeuwarden (V-N 2023/39.1.4) beslist dat de naheffingsaanslagen BTW terecht zijn opgelegd. De verkochte voertuigen behoren tot de bedrijfsvoorraad op het moment van verkoop in 2015 of 2016 en zijn dus geen privévermogen. Ook is niet aannemelijk dat een deel van de voertuigen aan X' echtgenoot is verkocht. De leveringen houden verband met de liquidatie van de verhuuractiviteiten, waardoor de leveringen voortvloeien uit de economische activiteit van X. Niet aannemelijk is dat X de onderneming als samenwerkingsverband met de echtgenoot exploiteert. Zij treden niet als één ondernemer naar buiten toe en hebben ook niet als zodanig gehandeld. De Belastingdienst is uitgegaan van een redelijke schatting. Via derdenonderzoeken is een deel van de werkelijke omzet achterhaald en voor het overige is uitgegaan van een geschatte omzet van € 1000 per auto. De BTW-margeregeling kan niet worden toegepast met een achteraf opgesteld en onvolledig inkoopboek. Namens X wordt in cassatie gegaan, maar er wordt geen toereikende volmacht overgelegd. De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.

[Bron Uitspraak]

Wetingang:

Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 27H

Instantie: Hoge Raad

Rubriek: Omzetbelasting, Fiscaal bestuurs(proces)recht

Editie: 23 juni

Informatiesoort: VN Vandaag

25

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen