X is houder van een kampeerauto waarvoor zij vanaf 11 december 2021 het bijzonder tarief MRB ontvangt. Een controle in december 2023 toont dat in de binnenruimte geen vaste tafel, geen slaapgelegenheid en geen vast keukenblok met watervoorziening aanwezig is. De inspecteur kondigt daarop een naheffingsaanslag van € 2025 en een verzuimboete van € 1012 aan en legt deze in maart 2024 op. X reageert schriftelijk en voert in beroep aan dat de inrichting tijdelijk is verwijderd voor reparatie en dat zij beperkte draagkracht heeft. De inspecteur handhaaft de aanslag en boete. In geschil is of de naheffingsaanslag terecht en niet te hoog vastgesteld en of de verzuimboete voor het onterecht toepassen van het bijzonder tarief MRB passend en geboden is.
Rechtbank Gelderland oordeelt dat sprake is van een beboetbaar verzuim omdat X te weinig MRB betaalt door toepassing van het bijzonder tarief terwijl de kampeerauto niet aan de inrichtingseisen voldoet. Afwezigheid van alle schuld is niet aannemelijk. De rechtbank weegt de financiële omstandigheden van X mee en matigt de boete tot € 250 omdat sprake is van een eenmalige fout en X beperkt draagkrachtig is. De naheffingsaanslag blijft volledig in stand nu de auto niet aan de inrichtingseisen voldoet.
Wetingang:
Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994 artikel 23A
Uitvoeringsregeling motorrijtuigenbelasting 1994
Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994 artikel 36
Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994 artikel 37
Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 67C
Instantie: Rechtbank Gelderland
Rubriek: Belastingheffing van motorrijtuigen, Fiscaal bestuurs(proces)recht
Editie: 23 juni
Informatiesoort: VN Vandaag