Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat X BV geen bezwaar- en beroepsrecht heeft tegen naheffingsaanslagen dividendbelasting die de inspecteur aan Y BV oplegt. Het hof bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van de bezwaren.

X BV verleent diensten aan buitenlandse pensioenfondsen, waaronder het op instructie en namens hen verkrijgen van aandelen en dividendrechten als execution only broker en bewaarder. Y BV treedt op als sub-bewaarder en dient namens de pensioenfondsen teruggaafverzoeken dividendbelasting in op basis van een bijzondere overeenkomst met de Belastingdienst. De inspecteur honoreert deze verzoeken en legt later vijftien naheffingsaanslagen dividendbelasting aan Y BV op, die Y BV betaalt met door X BV beschikbaar gestelde middelen. X BV vrijwaart Y BV contractueel voor iedere door Y BV verschuldigde belasting, maakt bezwaar tegen de naheffingsaanslagen, waarna de inspecteur de bezwaren niet-ontvankelijk verklaart en Rechtbank Zeeland-West-Brabant het beroep ongegrond verklaart. X BV stelt hoger beroep in. In geschil is of X BV bezwaar- en beroepsgerechtigd is tegen aan Y BV opgelegde naheffingsaanslagen dividendbelasting en of weigering van toegang tot de fiscale rechter fundamentele rechten van X BV schendt.

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat alleen de aanslagplichtige en degene van wie inkomens- of vermogensbestanddelen in het voorwerp van de aanslag zijn begrepen bezwaar en beroep kunnen instellen. Omdat de naheffingsaanslagen aan Y BV zijn opgelegd en uitsluitend dividenden van de pensioenfondsen betreffen, komt X BV geen bezwaar- en beroepsrecht toe. De contractuele vrijwaringsverplichting creëert geen zelfstandige rechtsmiddelbevoegdheid. Verwijzingen naar arresten over parkeerbelasting, forensenbelasting en WOZ-derdenbeschikkingen slagen niet, omdat in die gevallen de materiële belastingplicht bij de derde ligt. Het hof verwerpt de aangevoerde schendingen van toegang tot de rechter, eerlijk proces, eigendomsrecht en evenredigheidsbeginsel en acht een beroep op art. 8:42 Awb niet beslissend, zodat het hoger beroep ongegrond blijft.

[Bron Uitspraak]

Wetingang:

Algemene wet bestuursrecht artikel 7.1

Algemene wet bestuursrecht artikel 8.42

Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 26

Wet op de dividendbelasting 1965 artikel 1

Instantie: Hof 's-Hertogenbosch

Rubriek: Fiscaal bestuurs(proces)recht

Editie: 24 april

Informatiesoort: VN Vandaag

8

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen