Hof Arnhem-Leeuwarden acht de aanwezigheid van de gemachtigde van X op de zitting bij de rechtbank niet onredelijk.

X komt in beroep tegen een WOZ-beschikking. De gemeente komt X tegemoet in de hoogte van de waarde en de proceskostenvergoeding. Er is alleen nog een geschil over de wijze van uitbetaling van de proceskostenvergoeding, maar daarover spreekt Rechtbank Noord-Nederland zich niet uit. De heffingsambtenaar is het er niet mee eens dat de rechtbank een proceskostenvergoeding heeft toegekend voor de zitting, die in zijn ogen onnodig was.

Hof Arnhem-Leeuwarden acht de aanwezigheid van de gemachtigde van X op de zitting bij de rechtbank niet onredelijk. Tussen partijen bestond geen geschil meer over het materiële geschil en evenmin over nevenvorderingen. Er was alleen nog onenigheid over de wijze van uitbetaling van de proceskostenvergoeding: op de derdenrekening van de gemachtigde of op die van X. De rechtbank heeft geen aanleiding gezien de zaak vereenvoudigd (zonder zitting) te behandelen. Omdat X heeft aangegeven dat hij prijs stelde op een zitting, heeft de rechtbank partijen voor een zitting uitgenodigd. Gelet op het juridische karakter van het geschilpunt is, is het niet onredelijk dat X zich op zitting heeft laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. X is in het gelijk gesteld door de rechtbank en dan is niet van belang dat op het specifieke punt van de wijze van uitbetaling van de proceskostenvergoeding de heffingsambtenaar aan het rechte eind heeft getrokken (de rechtbank heeft zich over dat standpunt niet uitgelaten). De rechtbank heeft terecht een proceskostenvergoeding toegekend voor de zitting, tegen een wegingsfactor van 0,5.

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Algemene wet bestuursrecht 8:75

Informatiesoort: VN Vandaag

Rubriek: Fiscaal bestuurs(proces)recht

Instantie: Hof Arnhem-Leeuwarden

Editie: 18 mei

3

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen