X exploiteert een autohandel in de vorm van een eenmanszaak. Volgens Hof 's-Hertogenbosch is er voldoende bewijs dat X wist dat bij vijf Mercedes-transacties sprake was van een opvallende prijsval. Dat heeft het hof gebaseerd op handgeschreven aantekeningen op de voorraadlijst van zijn autobedrijf. Het hof stelt vast dat die aantekeningen door X zijn aangebracht. Door gebruik te maken van vijf intellectueel valse inkoopfacturen heeft X een onjuiste BTW-aangifte laten doen. Dit voordeel van € 207.371 is later witgewasen. X krijgt een taakstraf van 125 uren, subsidiair 62 dagen hechtenis. X gaat in cassatie.
De Hoge Raad verwerpt het beroep zonder motivering (art. 81 lid 1 Wet RO).
Wetingang:
Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 68
Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 69
Wetboek van Strafrecht artikel 140
Wetboek van Strafrecht artikel 225
Wetboek van Strafrecht artikel 420BIS
Wetboek van Strafrecht artikel 420TER
Instantie: Hoge Raad
Rubriek: Omzetbelasting, Strafrecht
Editie: 14 juli
Informatiesoort: VN Vandaag