Hof Den Haag oordeelt in hoger beroep dat het volledig aan X zelf is te wijten dat niet (tijdig) bezwaar tegen de MRB-naheffingsaanslagen en boetes is gemaakt.

X houdt zich professioneel bezig met het opknappen van oldtimers. X en zijn bv zijn daartoe houders van een groot aantal kentekens. Vanaf 2012 zijn honderden MRB-naheffingsaanslagen en boetes aan hen opgelegd. X beroept zich op overmacht. Door een (v)echtscheiding beschikte hij namelijk niet over zijn administratie, waardoor hij de kentekens niet meer kon schorsen. Volgens Rechtbank Den Haag is het bewust laten verlopen van de bezwaartermijnen geen overmacht. Ten aanzien van de boetes maakt X niet aannemelijk dat de termijnoverschrijding niet aan hem is toe te rekenen. X gaat in hoger beroep.

Hof Den Haag oordeelt dat het volledig aan X zelf is te wijten dat niet (tijdig) bezwaar is gemaakt. Door de Belastingdienst of door een andere instantie, bijvoorbeeld de RDW, zijn geen uitlatingen waaraan X het vertrouwen kan ontlenen dat het maken van bezwaar tegen de aanslagen en de boetes achterwege kon blijven. Het beroep van X is ongegrond.

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Algemene wet bestuursrecht 6:11

Algemene wet bestuursrecht 6:9

Algemene wet bestuursrecht 6:7

Informatiesoort: VN Vandaag

Rubriek: Belastingheffing van motorrijtuigen, Fiscaal bestuurs(proces)recht

Instantie: Hof Den Haag

Editie: 12 oktober

4

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen