X doet aangifte IB/PVV 2020 en 2021 en claimt giftenaftrek voor giften aan diverse niet in Nederland gevestigde instellingen. De inspecteur staat voor beide jaren slechts giften toe aan de instellingen die over een ANBI-status beschikken. In beroep voert X aan dat de giftenaftrekregeling in strijd is met het Unierecht en dat het vertrouwensbeginsel is geschonden.
Rechtbank Gelderland oordeelt dat de giftenaftrekregeling niet in strijd is met het Unierecht onder verwijzing naar het arrest van de Hoge Raad van 30 januari 2026, ECLI:NL:HR:2026:136, V-N 2026/7.6. Hierin is beslist dat de regeling het vrij verkeer van kapitaal niet schendt. De stelling dat buitenlandse instellingen door formele en praktische belemmeringen geen ANBI-status kunnen verkrijgen, ontbeert feitelijke grondslag, nu X in beide jaren een gift doet aan een buitenlandse instelling met ANBI-status. Het beroep op het vertrouwensbeginsel slaagt evenmin, omdat X geen bijkomende omstandigheden aanvoert en de inspecteur onweersproken stelt dat eerdere aangiften geautomatiseerd zijn vastgesteld. De giften aan instellingen zonder ANBI-status zijn terecht niet in aftrek toegestaan.
Wetingang:
Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 5B
Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 6
Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 artikel 1A
Instantie: Rechtbank Gelderland
Rubriek: Inkomstenbelasting, Fiscaal bestuurs(proces)recht
Editie: 2 oktober
Informatiesoort: VN Vandaag