X verkrijgt in 2023 samen met zijn echtgenote een perceel grond voor € 345.000, bestemd voor de bouw van een woning. X voldoet 10,4% overdrachtsbelasting, maar meent in aanmerking te komen voor het verlaagde tarief van 2%. Hiervoor dient hij een ‘verklaring overdrachtsbelasting laag tarief’ in. De inspecteur verklaart het bezwaar van X niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding.
Rechtbank Gelderland oordeelt dat de ingevulde verklaring voor het verlaagde tarief geen bezwaarschrift vormt, maar slechts een voorwaarde voor toepassing van het lage tarief. Het ontbreken van een rechtsmiddelenclausule maakt de termijnoverschrijding niet verschoonbaar, nu X gebruik maakt van de diensten van een notaris wiens kennis over bezwaarmogelijkheden en termijnen aan X wordt toegerekend. De inspecteur verklaart het bezwaar terecht niet-ontvankelijk.
Wetingang:
Algemene wet bestuursrecht artikel 6.7
Algemene wet bestuursrecht artikel 6.11
Wet op belastingen van rechtsverkeer artikel 14
Instantie: Rechtbank Gelderland
Rubriek: Fiscaal bestuurs(proces)recht, Belastingen van rechtsverkeer
Informatiesoort: VN Vandaag
Editie: 17 juli