Rechtbank Zeeland - West-Brabant oordeelt dat de inspecteur de VAR-WUO's terecht heeft herzien. De inspecteur heeft terecht VAR-loonbeschikkingen afgegeven.

X werkt voor diverse opdrachtgevers. Voor de jaren 2010-2014 heeft de inspecteur VAR-WUO's afgegeven voor de (chauffeurs)werkzaamheden die X verricht. Naar aanleiding van een boekenonderzoek herziet de inspecteur eind 2013 de VAR-WUO's voor 2013 en 2014. Hij herziet de beschikkingen in beschikkingen VAR-loon. X stelt dat terecht VAR-WUO's zijn afgegeven.

Rechtbank Zeeland - West-Brabant oordeelt dat de inspecteur de VAR-WUO's terecht heeft herzien. De inspecteur heeft terecht VAR-loonbeschikkingen afgegeven. De rechtbank stelt hierbij ten eerste vast dat X de werkzaamheden persoonlijk moet verrichten en dat hij wordt betaald voor de door hem verrichte werkzaamheden. Vervolgens stelt de rechtbank ook vast dat er sprake is van een gezagsverhouding. Hieraan doet volgens de rechtbank niet af dat X de vrijheid heeft om een opdracht aan te nemen en dat X zelf bepaalt wanneer hij komt werken en wanneer hij vrij neemt of op vakantie gaat. De rechtbank acht namelijk met name van belang dat X de aanwijzingen moet opvolgen die zijn opdrachtgevers verstrekken, en dat de opdrachtgevers bepalen wanneer en op welk tijdstip de werkzaamheden worden verricht. Verder wijst de rechtbank er nog op dat X niet zelf over enige specifieke expertise beschikt om eigen invulling te geven aan zijn werkzaamheden. Ook merkt de rechtbank nog op dat de werkzaamheden die X verricht een wezenlijk onderdeel uitmaken van de bedrijfsvoering van de opdrachtgevers en dat de werkzaamheden eveneens worden uitgeoefend door werknemers die bij de opdrachtgevers in loondienst zijn.

[Bron Uitspraak]

Wetsartikelen:

Wet inkomstenbelasting 2001 3.156

Informatiesoort: VN Vandaag

Rubriek: Inkomstenbelasting

Instantie: Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Editie: 19 december

3

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen