Voorwaarde is dat de belastingplichtige vrijelijk over de woning kan beschikken en dat hij de woning op elk gewenst moment weer als hoofdverblijf kan betrekken. Het is aan de inspecteur om dit aan de hand van de individuele feiten en omstandigheden te beoordelen. Bij verhuur van de woning is geen sprake meer van een eigen woning, omdat de woning dan niet meer ter beschikking staat aan de belastingplichtige.
Wetingang:
Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 3.111
Wet inkomstenbelasting 2001 artikel 3.111
Rubriek: Inkomstenbelasting
Regelgevende instantie: Belastingdienst
Editie: 7 mei
Informatiesoort: VN Vandaag