Uit onderzoek en een technische pilot blijkt dat fiscale informatie momenteel verspreid is over tientallen systemen en dat veel documenten handmatig moeten worden beoordeeld voordat zij kunnen worden verstrekt. Hierdoor is het oorspronkelijke implementatiepad niet haalbaar. Volgens de staatssecretaris gaat het niet alleen om een ICT-project, maar om een fundamentele verandering van de wijze waarop de Belastingdienst dossiers opbouwt en beheert.
De invoering verloopt daarom in drie fasen. Vanaf 2026 worden formele documenten zoals aanslagen, beschikkingen en ingediende formulieren per belastingmiddel beschikbaar gesteld via MijnBelastingdienst. Vanaf 2029 volgt meer informatie over de onderbouwing van besluiten en het verloop van de behandeling van dossiers. Vanaf 2032 moet uiteindelijk sprake zijn van een integraal en samenhangend fiscaal dossier, inclusief relevante interne zaakstukken.
De staatssecretaris benadrukt dat de beschikbare capaciteit binnen het IT-portfolio van de Belastingdienst bepalend is voor het tempo van de invoering. Daarnaast wordt onderzocht of op termijn een aanvullend inzagerecht wenselijk en uitvoerbaar is.
Voor de Douane wordt het fiscaal inzagerecht niet ingevoerd voor accijns- en verbruiksbelastingzaken, omdat de meerwaarde daarvan beperkt wordt geacht en implementatie ten koste zou gaan van andere prioriteiten.
Wetingang:
Algemene wet inzake rijksbelastingen artikel 66A
Rubriek: Fiscaal bestuurs(proces)recht, Belastingrecht algemeen
Regelgevende instantie: Ministerie van Financiën
Editie: 3 juli
Informatiesoort: VN Vandaag