De Kennisgroep formeel recht stelt, na behandeling van twee casusposities, dat geen belastingrente ex. art. 30ah lid 3 AWR wordt vergoed indien de inspecteur: 1) na gehele of gedeeltelijk afwijzing van een tijdig verzoek om teruggaaf van omzetbelasting op een later tijdstip alsnog geheel of gedeeltelijk ambtshalve teruggaaf van omzetbelasting verleent, en 2) ambtshalve niet of slechts gedeeltelijk tegemoet is gekomen aan een buiten de wettelijke termijn ingediend verzoek om teruggaaf van omzetbelasting en op een later tijdstip alsnog geheel of gedeeltelijk ambtshalve teruggaaf verleent.

In de eerste casus is sprake van een onherroepelijk (afwijzende) teruggaafbeschikking die wordt opgevolgd door een (aanvullende) ambtshalve teruggaafbeschikking. In de tweede casus is sprake van een afwijzende (ambtshalve) teruggaafbeschikking naar aanleiding van een niet tijdig teruggaafverzoek van belanghebbende die na bezwaar tegen die laatste beschikking wordt opgevolgd door een nadere ambtshalve teruggaafbeschikking.

Wetingang:

Algemene wet inzake rijksbelastingen

[Nieuwsbron]

Rubriek: Fiscaal bestuurs(proces)recht

Regelgevende instantie: Belastingdienst

Editie: 3 juli

Informatiesoort: VN Vandaag

23

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen