Het Hof van Justitie oordeelt dat de in art 2 lid 2 EU-Uitvoeringsverordening 2021/1483 bedoelde schorsing van de definitieve antidumpingrechten van toepassing is in alle gevallen waarin het aanvullend recht hoger is dan de antidumpingrechten en om welke reden dan ook toepasselijk wordt.

Stappert Magyarország Kft. dient op 1 april 2012 een douaneaangifte in voor het in het vrije verkeer brengen van diverse ijzer- en staalproducten van oorsprong uit Taiwan. Een contingent is op 1 april 2012 uitgeput en een ander contingent op 11 april 2012. Stappert heeft dit tweede contingent niet vermeld in haar aangifte voor het vrije verkeer. De Hongaarse Belastingdienst past een antidumpingrecht van 6,8% toe en, alleen voor de hoeveelheid producten waarmee het nog beschikbare deel van het tweede tariefcontingent wordt overschreden, een aanvullend recht van 25%. Stappert is het niet eens met deze cumulatie. Zij vindt dat het aanvullend recht van 25% weliswaar moet worden toegepast op de producten die buiten het eerste contingent vallen maar dat het antidumpingrecht van 6,8% had moeten worden geschorst, aangezien het aanvullend recht hoger is dan het antidumpingrecht. De Hongaarse rechter stelt prejudiciële vragen in deze zaak.

Het Hof van Justitie oordeelt dat de in art 2 lid 2 EU-Uitvoeringsverordening 2021/1483 bedoelde schorsing van de definitieve antidumpingrechten van toepassing is in alle gevallen waarin het aanvullend recht hoger is dan de antidumpingrechten en om welke reden dan ook toepasselijk wordt. Dit geldt met name wanneer de invoer niet in aanmerking komt voor het relevante tariefcontingent omdat er geen verzoek om toepassing van dit tariefcontingent is ingediend. Verder kunnen het antidumpingrecht en het aanvullend recht niet tegelijkertijd worden geheven wanneer voor de betrokken invoer is voldaan aan de gestelde voorwaarden voor toepassing van de schorsing. Dit geldt ook wanner op de dag waarop een tariefcontingent met een bepaald volgnummer is uitgeput, een nieuw tariefcontingent voor producten met dezelfde GN-code onder een ander volgnummer wordt geopend en de importeur enkel voor het uitgeputte tariefcontingent om toepassing van de preferentiële douaneregeling heeft verzocht.

Instantie: Hof van Justitie van de Europese Unie

Rubriek: Europees belastingrecht, Douane

Editie: 4 mei

Informatiesoort: VN Vandaag

6

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen