Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt, in navolging van de rechtbank, dat de aanslag leges terecht is opgelegd, zelfs als met de wijziging van het bestemmingsplan alleen een door de gemeente in het verleden gemaakte fout zou worden hersteld.

Belanghebbende, X, woont in een pand dat volgens het op 25 september 2014 vastgestelde bestemmingsplan een bedrijfsbestemming heeft. Op 23 januari 2021 verzoekt hij de gemeente de bestemming te wijzigen naar wonen. De gemeente wijst X op de legeskosten van bijna € 5000 en vraagt hem driemaal of hij de procedure door wil zetten. X antwoordt dat hij het verzoek wil doorzetten, maar bezwaar maakt tegen de legeskosten. In geschil zijn de nadien opgelegde leges. X stelt dat met de wijziging van het bestemmingsplan alleen een door de gemeente in het verleden gemaakte fout wordt hersteld.

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt, in navolging van de rechtbank, dat de aanslag leges terecht is opgelegd, zelfs als met de wijziging van het bestemmingsplan alleen een door de gemeente in het verleden gemaakte fout zou worden hersteld. De rechtbank overwoog dat niet duidelijk is geworden welke bestemming het pand bij aankoop door X in 1996 had en of nadien de bestemming is gewijzigd. Het is kwalijk dat ook de heffingsambtenaar en B&W dit niet hebben kunnen achterhalen, maar voor de legesheffing is dit niet van belang. Vaststaat dat X een aanvraag heeft ingediend en dat die aanvraag in behandeling is genomen. Uit de reactie van X mocht B&W opmaken dat X zijn aanvraag wilde doorzetten ondanks zijn moeite met de legesheffing. Het hof onderschrijft het oordeel van de rechtbank.

[Bron Uitspraak]

Wetingang:

Gemeentewet artikel 229

Instantie: Hof Arnhem-Leeuwarden

Rubriek: Belastingen van lagere overheden

Editie: 11 juni

Informatiesoort: VN Vandaag

7

Inhoudsopgave van deze editie

Gerelateerde artikelen